U heeft er als werkgever baat bij dat uw medewerkers voldoende bewegen. Sporten en bewegen is gezond, verhoogt de inzetbaarheid en verlaagt het ziekteverzuim. Ruim 40% van de werkende Nederlanders beweegt onvoldoende volgens de norm voor gezond bewegen. Er is nauwelijks onderzoek beschikbaar over beweging- en bedrijfsfitness-programma’s om een oordeel te kunnen vormen over de effectiviteit. Uit een studie van TNO komt naar voren dat op een populatie van bijna 10.000 werknemers, slechts 8% regelmatig deelneemt aan bedrijfsfitness. Hoe zit dat?

Terechte gezondheidclaims?

Om als werkgever uw medewerkers in beweging te krijgen is het belangrijk om te weten hoe groot de deelname zal zijn aan sport- en bewegingsprogramma’s. U moet er immers flink voor investeren. Het gebrek aan onderzoek naar participatie van bewegingsprogramma’s belemmert bedrijven in de juiste keuze, zeker nu de noodzaak groot lijkt. We bewegen immers te weinig en neigen o.a. tot overgewicht met alle daaraan gerelateerde gezondheidsrisico’s!
Aanbieders van bewegingsprogramma’s claimen veelal een hoge deelname, de feiten lijken anders uit te wijzen. Vast staat dat bewegingsprogramma’s de fitheid en gezondheid van werknemers verbeteren.

TNO arbeid

Na het nodige speurwerk doen we in dit artikel een poging om de feiten boven water te krijgen. Op de website van TNO-arbeid is een studie participatie bewegingsprogramma’s te vinden over literatuurverkenning en veldonderzoek over dit onderwerp. Er is in Pubmed gezocht naar studies over de participatie aan dergelijke programma’s. Voor het veldonderzoek zijn gegevens van aanbieders geanalyseerd en zijn interviews afgenomen onder aanbieders en personeelsmanagers.
Er is in deze studie gekeken naar 13 onderzoeken, die variëren van het aanbieden van fitness faciliteiten, voeding- en gezondheidsmanagement, informatievoorziening over gezondheid, zorg en ziekterisico’s en stress reductie bij verschillende bedrijven.
De uitkomst van de studie richt zich voornamelijk op de participatiegraad bij het aanbieden van bedrijfsfitness waarbij het volgende naar voren komt:

Onze ervaring

Als stoelmassage aanbieder komen we wekelijks bij een groot aantal bedrijven over de vloer. Opvallend hierbij is het grote verschil in gezondheidsbesef van de afzonderlijke medewerkers. Daar waar de ene medewerker zich volledig bewust is en voldoende sport of beweegt, blijkt de andere persoon hierin totaal onverschillig. Tijdens onze massage behandelingen komen diverse aspecten van gezondheid ter sprake, o.a. ook het belang van sport, beweging en ontspanning. Onze ervaring leert dat diegenen die weinig of niet sporten en bewegen, moeilijk zijn te prikkelen voor bijvoorbeeld bedrijfsfitness of andere sport activiteiten, iets wat de studie lijkt te bevestigen. Bij een aantal van onze opdrachtgevers verzorgen we zelf bewegingsprogramma’s zoals stretching, Tai Chi en Chi Qong, technieken om op een milde maar intensieve manier aan de conditie te werken. Opvallend is dat er tijdens werktijd een beduidend hogere opkomst is dan gedurende de pauzes.

Factoren die een positief effect hebben op de deelname van bedrijfsfitness

  • Een goede voorbeeldfunctie vanuit het management.
  • Eisen stellen aan het aantal trainingen per maand geeft een relatief hoge deelname.
  • De hoogste deelname is gevonden bij het bedrijf dat al 20 jaar bedrijfsfitness aanbiedt.
  • Persoonlijke aandacht en goede begeleiding zijn veruit de belangrijkste succesfactoren.
  • Ondersteuning vanuit het bedrijf en het bieden van financiële prikkels zijn belangrijke succesfactoren.
  • Goede toegankelijkheid en een vernieuwend, verrassend en gevarieerd aanbod.
  • Draagvlak en saamhorigheid vanuit de organisatie, goede publiciteit en een goede toegankelijkheid.

Conclusie:

Bovengenoemde studie richt zich voornamelijk op het aanbieden van bedrijfsfitness. Uit de studie komt naar voren dat bij 8 onderzochte bedrijven met een gezamenlijke populatie van bijna 10.000 medewerkers, ruim 8% van de medewerkers regelmatig deelneemt aan bedrijfsfitness. Aan u als werkgever, om te beslissen of dit rendeert. Is het glas voor bijna 10% gevuld, of voor 90% leeg.
Stimulatie en een voorbeeldfunctie vanuit de organisatie zijn in ieder geval van doorslaggevend belang. Trekt u als leidinggevende uw sportkleding alvast maar aan.

Uitkomsten van de TNO-studie

Op blz.31 van de hierboven genoemde studie vindt u overzichtscijfers van de deelname aan bedrijfsfitness bij acht verschillende bedrijven.

  • Bij aanvang ligt het aantal inschrijvingen voor bedrijfsfitness tussen de 15% – 39%.
  • Hiertegenover staat dat het daadwerkelijke percentage deelnemers duidelijk lager ligt, tussen de 8,7% en 22%!
  • Het percentage werknemers binnen een bedrijf dat tenminste één keer per maand
    traint (daadwerkelijke participanten) varieert tussen bedrijven van 8.7% tot 22%.
  • Het percentage werknemers binnen een bedrijf dat tenminste drie keer per maand
    traint (regelmatige participanten) varieert tussen bedrijven van 4.7% tot 14.7%.
  • De uitval varieert tussen de 1% en 22% na zes maanden en tussen de 11% en 50% na twaalf maanden.

Differentiatie van de deelnemers

Jonge werknemers (<30 jaar) nemen in alle bedrijven relatief vaak deel aan fitness. Werknemers van 40 jaar en ouder nemen minder deel aan bedrijfsfitness.

  • Er lijken geen verschillen te zijn tussen de participatie van mannen en vrouwen.
  • Het percentage daadwerkelijke en regelmatige deelnemers aan bedrijfsfitness en de gemiddelde deelnamefrequentie is onder inactieven iets lager dan onder actieven.
  • Er zijn geen verschillen in de participatiegraad en deelnamefrequentie van
    werknemers met overgewicht, zwaar overgewicht en een normaal gewicht.
  • Het percentage uitvallers is het laagste in de groep inactieve werknemers.
  • Het percentage uitvallers is vergelijkbaar tussen werknemers met overgewicht,
    zwaar overgewicht en een normaal gewicht.
0
Comments

    Geef een reactie

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

    © 2019 Vitaal!